Vergeet die iPad-scholen en geef élke school een hoofd technologie

19 maart 2018

Ondanks het feit dat zijn beweging van iPad-scholen (Opkomst en ondergang van de iPad-school, NRC, 2 maart 2018) wellicht een naïef en al te pretentieus project was, is de dadendrang van Maurice de Hond best begrijpelijk. Misschien is er zelfs méér ambitie nodig, want de pioniersfase waarin een verstrekkende visie op het vlak van nieuwe technologie slechts voor enkele innovatieve scholen++Doordacht DigitaalDit is ook één van de conclusies van de Onderwijsraad in het rapport ‘Doordacht Digitaal‘ (2017). van belang was, is echt voorbij. Van krimpende basisschool in de provincie tot grootstedelijke VMBO, álle scholen moeten een antwoord hebben op de radicale ontwikkelingen die nieuwe technologie met zich mee brengt.    

De paradox van technologie in het onderwijs is dat we in technologisch revolutionaire tijden leven, maar dat ons belangrijkste instituut om generaties voor te bereiden op de toekomst nog lang niet genoeg grip krijgt op de veelomvattende opdracht die hieruit voortvloeit. Bij het uitblijven van serieuze daadkracht op alle scholen zal niet alleen (nog meer) frustratie ontstaan bij leraren, leerlingen en ouders, maar zal ook ons onderwijs als geheel achterblijven én de ongelijkheid op en tussen scholen++Ongelijkheid en digitaliseringBeluister de podcast over ongelijkheid en digitalisering van Ewald van Vliet, voorzitter van de Raad van Bestuur van Lucas Onderwijs in Den Haag.  enorm toenemen.

Begrijp me niet verkeerd. Ik ben geen evangelist voor het zogenaamd alles-oplossend vermogen en de bovennatuurlijke krachten die soms aan technologie in het onderwijs worden toegedicht. De gefaalde iPad-scholen zijn er immers een goed voorbeeld van dat een al te pretentieuze aanpak niet zaligmakend is of zelfs destructief kan zijn. In de kern is het mensenwerk op basis van een weloverwogen onderwijskundig concept de cruciale factor op een goede school. Maar juist als je kritisch bent op de rol van nieuwe technologie zou je willen dat er op scholen op basis van gegronde visie en samenhangende strategie met technologie wordt omgegaan. En dat gebeurt nog veel te weinig.

Een smartboard in de klas is niet hetzelfde als een visie op technologie

Smartboards, digitale leerlingvolgsystemen, didactische applicaties of tablets in de klas hebben op zichzelf nog niets te maken met een op visie gebaseerd, samenhangend en vooruitstrevend technologiebeleid in de school. En dat is problematisch want nieuwe technologie is veelbelovend én risicovol tegelijk. Onze kinderen dagelijks intensief confronteren met veeleisende interactieve systemen op basis van minimale visie of nauwelijks onderbouwde strategie is spelen met vuur, want hebben scholen écht de expertise in huis als het gaat over de mentale, fysieke en sociale impact van deze systemen op onze kinderen?

Ook leraren en ouders die vaak maar nauwelijks snappen waar ze in meegezogen worden zijn kwetsbaar. Denk bijvoorbeeld aan de privacy van gezinnen, aan de groeiende werkdruk voor leraren die samenhangt met het gebrek aan nieuwe competenties of de juiste middelen, en aan nieuw gedrag van kinderen thuis en in de klas. Scepsis van leraren of ouders jegens technologie komt soms voort uit conservatisme of een gebrek aan lerend vermogen, maar vaak ook uit een terecht onderbuikgevoel als het gaat om het belang van het kind of van zichzelf.Scepsis van leraren of ouders jegens technologie komt soms voort uit conservatisme of een gebrek aan lerend vermogen, maar vaak ook uit een terecht onderbuikgevoel als het gaat om het belang van het kind of van zichzelf. Ik ben ervan overtuigd dat veel leraren én ouders enthousiast zijn over digitalisering als ze door de school worden meegenomen in een duidelijke visie met oog voor het belang van het kind, de leraar en de ouders. In de huidige situatie is er echter een groot risico dat scholen zich al te makkelijk laten overtuigen door een reclamepraatje van een hard- of softwareleverancier of uitgever.

Nieuwe technologie in het onderwijs: big business versus maatschappelijk belang

De perverse situatie in het onderwijsveld is nu dat we aan de ene kant scholen hebben die de implicaties van technologie voor hun organisatie en primaire onderwijsproces nog nauwelijks overzien, en aan de andere kant slimme leveranciers van hard- en software voor wie de scholen een lucratieve afzetmarkt zijn. Technologie in onderwijs is immers big business.

Maar de rol van nieuwe technologie is vooral een cruciaal maatschappelijk vraagstuk. Naast het primaire onderwijsproces heeft de omgang met technologie invloed op tal van maatschappelijke kwesties zoals de toekomst van de arbeidsmarkt, privacy, burgerrechten, globalisering, ongelijkheid en het vergaren van kennis in tijden van fake news. De urgentie om een structurele oplossing te vinden kan niet veel groter.

Elke school een Chief Technology Officer!

Ondanks die urgentie doen we het op scholen vaak af met een paar extra taken voor een enthousiaste schoolleider, leraar of een conciërge met een passie voor het doorvoeren van software-updates of het aanleggen van wifi-verbindingen. We noemen die persoon in het beste geval ‘ICT-coördinator’. In de term coördinator ligt precies de passiviteit besloten die het probleem is. Iemand ‘coördineert’ misschien wel wat er op een school afkomt, maar van vooruitstrevend, assertief beleid is vaak geen sprake.

Een vrij eenvoudige oplossing ligt voor de hand: zorg dat scholen, net als veel grote organisaties en bijvoorbeeld grote gemeenten, een ‘hoofd technologie’ krijgenZorg dat scholen, net als veel grote organisaties en bijvoorbeeld grote gemeenten, een ‘hoofd technologie’ krijgen. Dit is geen corvee, maar een essentiële functie op een hedendaagse school die veel frustratie kan wegnemen en veel kansen kan benutten., in hip corporate jargon een ‘Chief Technology Officer’ genoemd. Dat is iemand die de ruimte heeft om het technologiebeleid van scholen te ontwikkelen met oog voor de complexiteit van de thematiek. Iemand die aan de ene kant de kansen ziet, en aan de andere kant de ontwikkelingen en de impact ervan kritisch tegen het licht houdt. En daar alle betrokkenen op school in kan meenemen en ondersteunen. Dat is geen corvee, maar een essentiële functie op een hedendaagse school die veel frustratie kan wegnemen en veel kansen kan benutten. Ik zou de schoolbesturen, sectorraden en het ministerie van harte aanraden hier eens goed over na te denken. De tijd waarin een dergelijke aanpak slechts voor enkele vooruitstrevende scholen relevant is, is echt voorbij. Dit zou basisinfrastructuur op élke school moeten zijn.    

Gaan we het oplossen of houden we de paradoxale situatie van technologie in het onderwijs in stand? Met als treffend symptoom de leraar die ik laatst sprak tijdens de zoektocht naar een nieuwe basisschool voor mijn zoon. Op mijn vraag of er sprake was van enige visie op het gebied van technologie op de school was zijn antwoord: ”Sinds afgelopen jaar hebben we best goede wifi, en verder is het beleid ‘Bring Your Own Device’”. Saillant detail is dat deze school in een van de armste buurten van Nederland staat, waar veel kinderen überhaupt geen ‘device’ hebben. Tot zover de visie.